Category Image [75] Guayamerím, Riberalta, Yucumo, La Paz


----------------------------------------

terug naar ons vorige verhaal

----------------------------------------

geschreven door Karin-Marijke

geschreven door Coen

door Karin-Marijke op Suite101.com



Van Brazilië naar Bolivia

In het Braziliaanse Guajará-mirim is wel een grensovergang maar geen veerboot om de Land Cruiser naar de Boliviaanse kant van de rivier te brengen. Passagiersbootjes varen af en aan, maar willen we de auto vervoeren dan moeten we zelf een veerpont regelen aan de Boliviaanse kant. In het Boliviaanse Guayaramerím ontmoet Coen Carlos, een Colombiaanse motorrijder die al twee dagen aan het wachten is op een oversteek – hij kreeg te maken met de fameuze Boliviaanse stakingen die om de haverklap in dit land worden gehouden. Maar hij heeft nu geluk, en wij dus ook, en anderhalf uur later staat de Land Cruiser op Boliviaanse bodem. Na 4,5 maand hebben we Brazilië dan toch achter ons gelaten.



Wonder oh wonder, we krijgen een 90 dagen visum, de twee vorige keren kregen we slechts 30 dagen. Een mooie meevaller, nu hoeven we rond de feestdagen geen verlenging in La Paz te regelen. Het betalen van 37 eurocent per liter diesel in plaats van bijna een euro, zoals we in Brazilië gewend waren, is natuurlijk ook een mooie start in een nieuw land.


398-guajaramirim.png

Braziliaanse blikjes bier steken over | 1000 kilometer stofhappen | gele ara bijt op een maïskorrel | de ocelot likt zijn poot


Even buiten de stad stoppen we bij het ecohotel Ituaba, alwaar we op de parkeerplaats overnachten. De naam 'eco' refereert, denken we, aan de beesten die hier wonen. Vier gele en twee rode ara's, twee toekans, twee ocelots [soort kleine luipaard], wilde zwijnen, een jonge tapir en een paar kleine emoes. Op de achterkant van de menukaart wordt uitgelegd dat deze dieren door de autoriteiten in beslag zijn genomen, of gevonden in het bos – gewond tijdens een jachtpartij maar niet meegenomen. De beesten zijn te gewend aan mensen om nog teruggezet te kunnen worden in het bos en de autoriteiten hebben natuurlijk geen geld voor hun onderhoud.


De sympathieke eigenaar van dit hotel heeft daar officieel de zorg voor gekregen en wil zo z'n aandeel leveren aan een betere wereld. "Neem vooral foto's van de beesten en laat ze aan anderen zien," staat er onderaan het verhaal. Bij sommige van de hekken, zoals bij de ocelots, hangt een officieel briefje met stempels van vergunningen, maar ook met achtergrondinformatie over de dieren en waarom ze hier zijn. Eentje is grootgebracht in een kooi van één vierkante meter en werd in beslag genomen met ondervoedings- en verwaarlozingsverschijnselen. De ander had z’n weg gevonden naar de kippen van een boerderij en werd daarmee een bedreiging voor zichzelf: een boer zou hem zeker doodschieten. Al met al een mooi plekje.



Even naar Brazilië voor een staaroperatie

Om zes uur staan we op. Onze eerste aandacht wordt getrokken door een luide vrouwenstem. "Waarom schreeuwen die mensen hier zo?" vraag ik me af. Bij het restaurant wordt het duidelijk. Een vrouw is een verhaal aan het houden voor een groep ouderen – allemaal Brazilianen. Ons Portugees is goed genoeg om haar te verstaan [de overgang naar Spaans is nu overigens knap lastig!]. Blijkt dat deze club hier is gekomen om behandeld te worden voor – of gecontroleerd te worden op – staar. Even naar het buitenland voor een staar operatie. We vermoeden dat hier een goede privé kliniek zit op dat gebied.


We laten de staarpatiënten voor wat ze zijn en gaan naar de beesten. De ara's blijven toch zo mooi om naar te kijken. Ze kiezen maar één partner in hun leven, als die doodgaat blijven ze alleen. De stelletjes zijn super aanhankelijk en zitten continue aan elkaar te frutten. Vooral de rode kunnen we van heel dichtbij bekijken als we op het balkon staan. Het zijn net apen die elkaar zitten te vlooien. De een bijt de veren van de ander helemaal schoon, wroet met z'n neus tussen de veren terwijl de ander zich in alle mogelijke bochten wringt om zich maar zo goed mogelijk te kunnen laten verwennen.


399-riberalta.png

zonsondergang bij Ituaba | rode ara's wassen elkaar | kinderen willen op de foto | benzine per liter te koop



Duizend kilometer steenslagweg

We maken ons los van deze taferelen en gaan rijden. 1000 kilometer steenslagweg naar La Paz en we zitten in het regenseizoen. Gaan we dit in vier dagen rijden, of hebben we meer dan een week nodig? Natuurlijk hebben we alleen gruwelverhalen gehoord. We zijn dan ook zeer verbaasd een fantastisch goede steenslagweg aan te treffen, zelfs met de dikke tropenbuien die we vandaag te verwerken krijgen is die prima te rijden en we leggen dan ook een record afstand af van 420 kilometer.



Zoals elk gebied waar al langer een weg ligt door het regenwoud, zijn de omliggende gebieden gekapt ten behoeve van veehouderij. Hier niet anders en het maakt het gebied niet bijster interessant om doorheen te rijden. Wel opvallend is het nog grote aantal mensen dat in houten hutten met daken van palmbladeren woont, alleen in dorpjes met meer dan drie hutten staat wel een aantal moderne golfplaten dakconstructies.


400-beni.png

vechten om te mogen verkopen in de bus | we rijden een dorpje binnen | hier kopen ze Para noten | het wegen van noten


Riberalta is een centrum van de paranoten of Brazil nut, of castanha, of almendra zoals ze hier zeggen. Deze worden in het oerwoud geoogst en dit is dus een prima alternatieve industrie waarbij het regenwoud wordt behouden. We stoppen langs de kant van de weg waar de noten door een 'groothandel' [klein hutje] worden ingekocht en in grote zakken worden verpakt om later naar de noten-pel fabriek te worden gebracht. We proberen zo'n fabriek te bezoeken, maar eentje is al dicht – het seizoen loopt ten einde. De tweede moet toestemming hebben van de eigenaar die er natuurlijk niet is en eigenlijk hebben we geen zin om in deze tropische hitte uren te wachten of de eigenaar misschien toch niet terugkomt, of misschien toch wel maar misschien ook geen toestemming geeft. Het is droog, misschien is het beter kilometers af te leggen.


Het voelt goed om in Bolivia te zijn. De overgang van het schone, georganiseerde west Brazilië naar het chaotische, stoffige maar levendige Bolivia is groot. Voor mij toch altijd in het begin even intimiderend. We rijden bijvoorbeeld langs die notenhandel en daar wil ik dan wel een kijkje nemen. Maar ik zie al die mensen naar ons staren en voel me dan een beetje een indringer. Toch merk ik – zoals de afgelopen jaren zovaak is gebeurd – dat uitstappen en kennis maken juist heel erg wordt gewaardeerd en dat die wantrouwende of afstandelijke blikken van even daarvoor veranderen in glimlachen, welkom heten en uitleg geven. 



Aziatische taferelen in Bolivia

Daar waar Guayaramerím uitblonk in de hoeveelheid riksja's – van die motoren met een driepersoonszitting erachter vast gemaakt – zo is Riberalta de stad van de motoren. Links en rechts zoeven ze om ons heen en niemand kijkt opzij bij het oversteken van een kruispunt – de grootste waaghals heeft voorrang. Het doet ons wel aan Vietnam denken. Met z'n vieren op een brommer is hier ook weer normaal. Benzine is te koop bij benzinestations maar de brommers hebben liever de snelle service bij de hutjes langs de kant van de weg waar ze voor een paar cent meer snel een literfles benzine kunnen kopen. Elders in de stad zijn een paar vlonders gebouwd die dienst doen als auto c.q. motorwasplaats – fatsoenlijke afwatering, laat staan waterzuivering, is hier nog een onbekend begrip.


401-rain.png

regen komt met bakken uit de lucht | koeien op weg naar Riberalta | stofweg | gele auto of rode auto?


Verder maar weer. De zon is definitief verdwenen. Veel regen en ergens schuilen we een poosje bij een benzinestation om de ergste hoosbui voorbij te laten gaan. Het regent namelijk ook hard naar binnen, bij Coen's voeten is het net een douche. Een doek ligt tegen de voorruit – daar komt het bij de onderrand binnen – en een andere doek ligt in het handschoenenkastje. Alleen gaat het vandaag zo hard dat het dweilen met de kraan open is. Er liggen wat klussen voor Coen te wachten in dit land, de komende maanden.


File! Koeien. Zover het oog reikt. Twee cowboys steken hun handen omhoog: Stop! We zetten de motor uit en zien dat de cowboys de koeien aan het tellen zijn. Twee cowboys te paard staan strategisch op het pad zodat niet alle koeien en masse doorlopen maar in groepjes kunnen passeren en worden geteld. 800 zijn het er, ze zijn pas 8 kilometer onderweg en hebben nog 100 naar Riberalta te gaan! Mooi gezicht.


Een steenslagweg leidt het veld in, tot achter een groep struiken en bomen. Prima kampeerplek waar we niet in de modder zullen wegzakken, mocht het de hele nacht gaan regenen. Toch een paar druppels en we zien een stukje van een dubbele regenboog. De bui zet niet door, we kunnen buiten zitten en kijken naar een fraai kleurende hemel terwijl de zon ondergaat. Dan draaien we de stoelen om voor het avondprogramma: over de hele breedte van het veld dansen vuurvliegjes, de enige keer dat we er zoveel bij elkaar hebben gezien was in Maleisië. Tezamen met het zoemen van de avondinsecten en het vrolijk kwaken van de kikkers hebben we een prachtig concert.



Laatste loodjes naar La Paz

Een dag later gaan we ineens van het platteland de bergen in en het zoeken naar een vlak slaapplekje is niet makkelijk. We worden wakker met regen en zijn omhuld door wolken. Wat een grauwe bende, niets zien we meer van het schone landschap van gisteren, maar na een kwartiertje rijden zijn we uit de dikke wolk en vallen er gaten in de bewolking. Het is waanzinnig mooi, alsof iemand engelenhaar in de lucht heeft gehangen – het is tenslotte bijna Kerstmis. Behalve boven de vallei, waar op het diepste punt de rivier stroomt, hangen de mistflarden ook tussen de groene bergen. Het is hier nu net zo mystiek als toen we in Bhutan waren. Toen riep ik dat Shangri-La in Bhutan lag, misschien heb ik me vergist en is het hier.


Voor mij behoort deze 150 kilometer ten westen van Yucumo tot de mooiste stukken ooit gereden. Ik zit de hele dag met een grijns van genoegen op m'n gezicht. Ik ben verbaasd over hoe onaangetast de regenwouden hier nog zijn, pas later in de middag komen we langs berghellingen waar kleinschalige houtkap plaatsvindt omwille van landbouw. Ze maken hele steile, smalle terrassen maar of ze daar nu rijst of wat anders verbouwen [coca? – ik weet nog niet hoe deze plant eruit ziet] kan ik niet zien.


402-dust.png

Bolivia heeft uitstekende middaglunches | altijd een soep vooraf | oppassen met inhalen, je ziet niets door het stof | veel stof


'Conserve su izquierda' staat er voor het eerst op een bord, oftewel 'Blijft links rijden'. Voor het eerst sinds Azië rijden we dus weer links. Op dit smalle pad dat slingert langs ravijnen is het soms manoeuvreren om elkaar te passeren en tot onze verbazing rijden de Bolivianen hier erg gedisciplineerd en rustig. Misschien hebben al die kruisjes langs de kant van de weg toch hun impact op het gedrag. Het machismo maakt nog altijd dat ze zich niet graag laten inhalen en de toeter draait overuren. Maar er zijn veel parkeerhavens gemaakt aan de ravijnkant en die worden door de tegenliggers continue benut. Wij rijden dit hele stuk langs de bergwanden, de tegenliggers moeten langs het ravijn. Door het systeem van links rijden zitten de rijders direct langs de bergwand c.q. ravijnrand en kunnen ze de breedte [smalte] van de weg maximaal benutten. Dit schijnen meer bergwegen in Bolivia te hebben en we hebben dit fenomeen ook gezien bij de Chuquicamata mijn in Chili.


La Paz doemt op aan de horizon en het zonnetje breekt door – het voelt als een welkom. De berghellingen van de 1,5 miljoen inwoners tellende stad zijn hutje mutje volgebouwd met van rode steen gemaakte bouwsels. Doordat alles tegen hellingen is gebouwd, word je veel meer overweldigd door hoe groot en hoe vol het hier is. Echt tijd om te kijken hebben we niet. We moeten dwars door de stad om van noord naar zuid te komen; de GPS heeft voor mij nu z'n volwaardige plek in de auto uitrusting verdiend. Met slechts een minuscule misser bij een afslag loodst hij ons zonder problemen dwars door het met files gevulde centrum van La Paz.


403-left.png

verplicht links rijden | de Yungas | eindelijk asfalt | sprookjesachtig La Paz


Ten zuiden van La Paz ligt 'Oberland', een hotel van een Zwitser en in La Paz dè plek voor overlanders. Het is een ongezellige parkeerplaats en ook niet goedkoop [voor Boliviaanse begrippen], maar heeft wel een douche. Iedere overlander is blij dat hij een plek op deze parkeerplaats heeft, want in zo'n bergstad is het over het algemeen onmogelijk een vlak stukje parkeerruimte te vinden. Ons Portegnol [mix Portugees en Spaans] is zo verbluffend dat de medewerkers van het hotel denken dat we Brazilianen zijn!


Wow, 3 dagen en 1000 kilometer – gezien de regentijd had ik dat niet durven dromen, ik had verwacht een week onderweg te zijn. Helemaal gesloopt en tintelend in het lijf door het abrupte hoogteverschil [we zitten nu op 3200 meter] duiken we ons bed in.


-----------------------------------------

op naar ons volgende verhaal

-----------------------------------------


Posted: Tuesday - December 15, 2009 at 10:51 AM